Fout
  • Fout bij laden feed data.
PDF Afdrukken E-mailadres
Gebruikerswaardering: / 0
LaagsteHoogste 
Spiritualiteit werkt

Gebedsgroepen in bedrijven, cursussen over spiritualiteit op het werk te over en de universiteit Nyenrode heeft zelfs een hoogleraar Businessspiritualiteit: spiritualiteit op de werkvloer is in. Maar wat is de relatie tussen spiritualiteit en werk. Werkt spiritualiteit wel? (november 2009, website ForumC)

November, de maand van de spiritualiteit, is een mooi moment om stil te staan bij deze relatie. Vijf aandachtspunten voor de praktijk komen aan bod.

Voorat iets over het begrip zelf. Spiritualiteit is geleefd geloof: het gaat om persoonlijke ervaringen die mensen enerzijds in verbinding zien met God of iets bovennatuurlijks en anderzijds dat die ervaringen invloed hebben op het leven van alledag. Het verschillen tussen religie en spiritualiteit is dan dat religie gaat over het totaal, inclusief leerregels, gemeenschappen, instituten (kerken).

 

1. Spiritualiteit werkt al eeuwen

Door de huidige aandacht voor spiritualiteit op de werkvloer lijkt het of het enerzijds iets nieuws is en in anderzijds dat het gedomineerd wordt door New Age achtige bewegingen. Maar een dergelijk beeld doet geen recht aan de werkelijkheid. Al eeuwenlang proberen mensen hun geestelijke ervaringen handen en voeten te geven in hun werk. Zeker ook in de christelijke traditie. Verschillende kloosterorden zijn daarvan een sprekend voorbeeld. Hoewel monniken en nonnen zich gedeeltelijk terugtrokken uit de samenleving, speelde werk een belangrijke rol in de kloosters. Ze wilden niet alleen door het bidden en mediteren dienstbaar zijn aan andere mensen, maar ook door praktische werkzaamheden. Daarbij streefden een aantal ordes heel expliciet naar integratie van de meditatieve kant en het werk. Mede dankzij publicaties van Wil Derkse en Anselm Grün is de Benedictijner leefregel bekend. Daarbij gaat het niet primair om een bepaald ritme in de dag, maar om trouw, toewijding, concentratie op de dingen waarmee je bezig bent. De huidige Rooms-katholieke Focolarebeweging laat zich mede door deze Benedictijnse spiritualiteit inspireren en er zijn meer dan 750 bedrijven die helemaal ingericht zijn volgens deze vorm van spiritualiteit.

Voor christenen van vandaag is het boeiend en leerzaam om concreet aan de slag te gaan met de ideeën uit het verleden. Waarom in lijn met Benedictus niet een vast tijdstip per dag om mail te lezen en te beantwoorden. Dat kan veel rust geven. Concentratie op datgene waar je mee bezig bent en echte betrokkenheid op mensen waarmee je in contact staat, zijn twee andere gemakkelijk te vertalen principes. Calvinistische deugden als discipline en hard werken kunnen voor een succesvolle implementatie daarvan zorgen.

 

2. Spiritualiteit werkt matig

Bovenstaande klinkt natuurlijk allemaal wel fraai, maar is er in de praktijk in Nederland ook iets te bemerken van positieve resultaten van christelijke spiritualiteit en andere vormen van spiritualiteit? Hoewel er vee trainingen en theorieën over spiritualiteit en werk zijn, is er opmerkelijk weinig onderzoek hiernaar. ForumC en de Christelijke Hogeschool Ede hebben de handschoen opgepakt en onderzochten de relatie tussen spiritualiteit en de uitkomsten van een bedrijf. Daarbij is gekeken naar de zogenaamde drie p's: people (omgang met mensen), planet (milieu) en profit (winst).

Een opvallend resultaat is dat spiritualiteit er niet toe doet als het gaat om effecten op mens of winst. Geen positief effect en geen negatief effect. Dat is wellicht een geruststelling voor die bedrijven die bang zijn dat allerlei spirituele trainingen hen mensen softer maakt en minder gericht op winst. Maar het is een tegenvaller voor die managers die hun werknemers op spirituele cursussen sturen om bijvoorbeeld de onderlinge relaties op te krikken.

Een tweede resultaat van het onderzoek is – maar het verband is niet zo sterk -  dat spiritualiteit negatief uitpakt voor duurzaamheid. Ook dit gaat tegen de verwachting van veel bedrijfskundigen en spiritualiteitgoeroes in. Vaak is de redenering dat mensen die spiritueler zijn, meer gericht zijn op andere waarden. Een mogelijk te verklaring voor het minder duurzame gedrag is dat spirituele mensen vooral gericht zijn of op zichzelf of op het bovennatuurlijke in relatie tot zichzelf en juist minder oog hebben voor de omgeving.

Het feit dat spiritualiteit matig werkt, is niet voldoende reden om bij de pakken neer te zitten. Niet alleen wat betreft omgaan met mensen, maar ook wat betreft omgaan met de schepping valt er van het verleden te leren. Een duurzame levensstijl of een bedrijfsstijl is niet alleen linkse hobby. Het is ook een levenswijze die aangeprezen werd in het Oude Testament en gepraktiseerd werd door groepen in de eerste eeuwen na Christus. Bedrijven en individuen zouden wat betreft duurzaamheid wat Oud-Testamentischer mogen zijn: vertalen van mooie ideeën in concrete ge- en verboden.

 

3. Tegen hypocrisie

Christenen blijken hypocriet te zijn. Verschillende onderzoeken bevestigen het beeld dat ze mooie praatjes en ambities hebben (meer dan gemiddeld), maar dat ze er in de praktijk minder van terecht brengen. Een bijzonder pijnlijke constatering. Hypocrisie is voor velen mensen – begrijpelijk – een reden om zich af te keren van het christelijk geloof. Op twee manieren is het mogelijk om aan de valkuil van hypocrisie te ontsnappen: betere daden en minder grote woorden.

Het is een opdracht voor christenen om op alle vlakken van het leven het geloof te verdisconteren. En dat is flink lastig. Mensen in het algemeen weten vaak in abstracte termen wel te zeggen wat goed is, maar juist de vertaling naar alledaagse acties is moeilijk. Algemeenheden als 'goed zijn voor je collega's' of 'aandacht voor duurzaamheid' zijn leeg, zolang er geen actie aan hangt. Beter is het om dergelijk uitspraken concreet te maken: 'elke week spreek ik een kwartier met mijn directe collega over niet-werk gerelateerde zaken' of 'ik zet me in voor 10% waterbesparing dit jaar in ons bedrijf'. Gelukkig is er de laatste jaren meer aandacht voor 'christen zijn op het werk'. Boeken van Eddy de Pender (Help, het is weer maandag), Mark Greene (Yes, het is weer maandag) of Hans van Roon en Henk de Vries (Ondernemen met God) kunnen daarbij, evenals het boek waarop dit artikel gebaseerd is, behulpzaam zijn.

Naast concrete acties, is bescheidenheid op zijn plaats, geen al te grote woorden over christelijk geloof en werk. Laten we eerlijk zijn, vaak is het ook niet duidelijk of iets wat we vinden of doen nu specifiek christelijk is, of dat het gewoon een Westerse of algemeen menselijke norm is. Dat betekent dat of anderen onbewust handelen in overeenstemming met de Bijbel. Of dat we zelf zo onderdeel van onze cultuur zijn dat we die boven de Bijbels richtlijn stellen. In beide gevallen geen reden om hoog van de toren te blazen. Beter een onderschatting van hoe de eigen spiritualiteit doorwerkt dan mooie verhalen die niet waar worden gemaakt.

 

4. Tegen instrumentalisering

Er is de laatste jaren veel aandacht voor spiritualiteit op de werkvloer. Alleen al het aantal publicaties en trainingen spreekt boekdelen. In het algemeen is de aandacht voor de rol van religie in de samenleving toegenomen. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid schreef in 2006 een lijvig document over religie in het publieke domein, er is een aantal onderzoeken gedaan naar het maatschappelijk rendement van kerken. Door te spreken over werk en spiritualiteit ligt het gevaar op de loer spiritualiteit als middel te willen inzetten om het werk of de economie verder te ontwikkelen of te stimuleren. En dat is juist in strijd met het idee van spiritualiteit, het gaat om geleefd geloof en niet om aangeleerd gelovig handelen. Het eerst is integer, het tweede is een trucje. Religie en spiritualiteit moeten zich niet laten gebruiken om onze problemen op te lossen; dat is een ondermijning van het eigene van spiritualiteit. Want wat als het niet helpt of juist geholpen heeft? Moet spiritualiteit dan weer terug in haar hok?

 

5. Inspiratie en praktijk

Waar het om gaat is spiritualiteit als drijvende kracht handen en voeten te geven. Enerzijds is daar blijvende inspiratie voor nodig. Geloof en spiritualiteit dient gevoed te worden. En die voeding is niet een training hoe gebruik te maken van je geloof, maar een teruggrijpen op de basis van de spiritualiteit: het geloof zelf. Vanuit die innerlijke overtuiging kan geloof geleefd worden. Voor christenen heeft dat te maken met het leven dichtbij God.

Naast die voeding, gaat het om de vertaling: geleefd geloof. Daarbij kunnen voorbeelden uit verleden en heden inspireren, bijvoorbeeld bepaalde kloosterordes, Ansel Grün of de econoom Lans Bovenberg die onlangs nog in CV.Koers stond. Maar wat in ieder geval belangrijk is, is contact tussen vakgenoten. Juist voor de praktische vertaling in het eigen vakgebied, want daar liggen grote vragen. Veel studenten die op christelijke verenigingen hebben gezeten denken bij het afstuderen wel zo'n beetje te weten hoe het zit met de relatie tussen geloof, werk en wetenschap. Maar velen kloppen na een paar jaar toch weer aan bij organisaties als ForumC, CBMC of vakorganisaties omdat de praktijk nieuwe vragen opwerpt of omdat theoretisch antwoorden niet doorleefd zijn. Tegelijkertijd is het opvallend dat christenen zich vaak liever bezig houden met hobbythema's dan met onderwerpen direct gerelateerd aan het eigen werk. Misschien omdat het gemakkelijker of leuker is om een verbinding te leggen tussen geloof en milieu, kunst of schepping/evolutie dan tussen geloof en het eigen werkveld. Niet dat die andere thema's niet belangrijk zijn, integendeel. Maar het is wel jammer. Want dé manier om impact te hebben is om datgene goed te doen waar mensen bijna dagelijks mee bezig bent: werk. Als christenen echt spiritueel zijn, hun geloof uitleven, dan heeft dat zijn effecten op de werkvloer. Zowel in een persoonlijke houding, maar ook in het nadenken over structurele veranderingen in de organisatie. Spiritualiteit is een drijvende kracht en de geschiedenis biedt mooie aangrijpingspunten om er handen en voeten aan te geven. 

 

 

Twitter Feed